‹ Terug naar alle regionale pacten

Op Stap: naar een vaste baan in de zorg

Branchvereniging Actiz heeft een publicatie uitgegeven waarin bestuurders van zorg- organisaties hoe zij de extra middelen voor de invoering van het Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg inzetten. Zij vertellen over de afwegingen die zij daarbij maken en over wat bewoners en medewerkers in de praktijk merken van de extra middelen. Eén van deze bestuurders is Johan Krul, die vertelt over het Koploperproject 'Op Stap'.

Op Stap: naar een vaste baan in de zorg

Waaraan is het extra geld besteed? 

“Wij begeleiden mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, zoals uitkeringsgerechtigden en statushouders, naar een vaste baan in de zorg. Het project heet Op Stap en we doen dit samen met het onderwijs (ROC Friese Poort) en de gemeente (Pastiel). 

Tijdens de stagedagen zijn de leerlingen gekoppeld aan een oudere medewerker (55-plus)

De deelnemers van het project lopen eerst drie maanden mee in de zorg, met behoud van uitkering. Na deze drie maanden krijgen ze een ‘go’ of ‘no go’. Wie doorgaat loopt twee dagen per week stage en gaat één dag per week naar school. Deze schooldag vindt plaats op locatie, door docenten van ROC Friese Poort uit Sneek. Een bewuste keuze, om de kloof tussen theorie en praktijk te dichten. Tijdens de stagedagen zijn de leerlingen gekoppeld aan een oudere medewerker (55-plus), de werkbegeleider, volgens het meester-gezelprincipe. Na een jaar zijn ze gediplomeerd helpende niveau 2. En krijgen ze als zorgondersteuner een vaste baan bij Patyna, van minimaal 24 uur per week. Wie wil kan doorstromen naar de opleiding tot verzorgende IG. 

Voor statushouders die slecht Nederlands spreken, heeft Op Stap nog een ander traject. Ze kunnen staps- gewijs verschillende certificaten halen bij ons. Ze beginnen in de linnenkamer en wasserij. Drie maanden later gaan ze meewerken in het restaurant en de bediening en weer drie maanden later zetten we ze in bij welzijnsactiviteiten. Al die tijd behouden ze hun uitkering. Het doel is de Nederlandse taal vanuit het werkveld beter te leren begrijpen en spreken. Zodat ze na negen maanden kunnen starten met de opleiding tot helpende niveau 2. Of ze kunnen doorstromen naar een schoonmaakbaan in de thuiszorg (Wmo) of een baan in de keuken.”

Hoe is deze keuze gemaakt? 

“In Zuidwest-Friesland, ons werkgebied, is de arbeidsproblematiek groot. Ik wilde daar een oplossing voor vinden. Samen met de gemeente en ROC Friese Poort hebben we toen Op Stap ontwikkeld. En omdat Patyna extra wil investeren in welzijn en ouderen meer aandacht wil geven, hebben we de functie zorgondersteuner bedacht: hierin komen zorg en welzijn samen. Ze werken ’s ochtends mee in de zorg, daarna kleden ze zich om en zijn ze er voor de individuele cliënt.”

Ik hoor terug dat bewoners ervaren dat er meer aandacht voor ze is

Wat merken de bewoners hiervan? 

“Ik hoor terug dat bewoners ervaren dat er meer aandacht voor ze is. Daarnaast vinden ze de diversiteit erg leuk, met medewerkers uit bijvoorbeeld Oeganda en Irak. Dat vinden ze interessant. Maar dat stukje extra aandacht is waar het echt om gaat.”

Wat betekent het voor medewerkers? 

“De werkbegeleiders vinden het heel fijn dat ze ondersteuning hebben. Ze worden ontlast. Natuurlijk zorgt het project ook voor reflectie bij de vaste medewerkers. Bovendien leren de vaste medewerkers en de studenten van elkaars culturen.”

Wat zijn uw plannen? 

“We willen het project Op Stap voortzetten en nog meer potentiële arbeidskrachten, uitkeringsgerechtigden en statushouders opleiden naar een vaste baan in de zorg. De studenten krijgen de kans een leven op te bouwen en deel te nemen aan de maatschappij. En wij krijgen meer handen aan het bed en kunnen nog meer aandacht besteden aan het welzijn van onze ouderen. Een win-win- situatie. Uiteindelijk hopen we een aantal studenten op een nog hoger niveau te brengen. Van de huidige 21 studenten willen er nu al 6 doorleren voor verzorgende IG.”

Johan Krul is sinds 1 januari 2016 voorzitter van de Raad van Bestuur van Patyna

Klik hier om de volledige publicatie te lezen. Het interview met Johan Krul staat op bladzijde 48.

Gerelateerd aan