Jezelf (uit)vinden

In het Zorgtrainingscentrum Zwolle leren studenten, docenten en professionals in drie samenhangende labs, samen met cliënten en mantelzorgers. In het wijkzorglab gaat het om het organiseren en activeren van familie, buurtgenoten en vrienden. Effecten en toepassingen van nieuwe zorgtechnieken staan centraal in het zorgtechnisch lab. En in het zorgethisch lab draait alles om het bieden van respectvolle zorg. In inleefsessies ervaren professionals hoe het voelt om zelf zorg te ontvangen. Met verrassende resultaten. Een reportage over de eerste ervaringen in de drie labs.

Jezelf (uit)vinden

Het Zorgtrainingscentrum Zwolle verenigt 25 regionale partners uit zorg, mbo- en hbo-onderwijs en bedrijven. In 2015 werd de RIF-aanvraag goedgekeurd. Met dat geld is inmiddels veel gedaan.

Het Zorgethisch Lab is het verst gevorderd, met verschillende inleefsessies. Tijdens zo’n sessie nemen studenten de rol van een professional aan, terwijl de zorgmedewerkers een dag als cliënt meemaken.

Dorine Snellink

"Ik ben niet gehandicapt!"

Als maatschappelijk werker bij revalidatiecentrum de Vogellanden begeleidt Dorine Snellink cliënten en hun familie bij het verwerken van verlies. ‘Inleven is van groot belang in dit werk, om goed aan te sluiten bij de revalidant. Ik wilde al heel lang eens ervaren wat het is om patiënt te zijn, dus toen ik een uitnodiging kreeg voor een inleefsessie, schreef ik mij direct in.’ De voorbereiding begon al thuis. ‘We kregen de opdracht om een personage te bedenken. Als cliënt was ik een moeder van 38, met drie kinderen. Mijn rechterarm en rechterbeen waren gebroken en ik had een hersenkneuzing opgelopen. Hierdoor had ik veel last van prikkels, zoals geluid. Een van de studenten nam de standaard anamnese af. Na een halfuur stond ik in mijn kamer. Ik wist niet wat mij te wachten stond, dus ik trok mijn pyjama aan en ging op bed liggen. Na een tijdje stonden de studenten aan mijn bed om te vragen of ik ontbijt wilde en gewassen wilde worden. Ze zeiden dat het misschien goed was voor mijn spieren om in bad te gaan, dus ik stemde ermee in. Maar daarvoor moest ik in een tillift. Poepienaakt in zo’n ding. Dat wilde ik echt niet, dus ik riep uit: "Ik ben niet gehandicapt!" Ik voelde me heel kwetsbaar. Heel confronterend.’

Janneke Scheewe

Contact van mens tot mens

Dat was ook de ervaring van manager Volwassenenrevalidatie Janneke Scheewe. ‘Als manager sta je wat verder af van de zorg, daarom was het zo goed om te ervaren wat het is om patiënt te zijn. In pyjama voelde ik mij meteen afhankelijk en ook wat minderwaardig. Ik werd er erg passief van. Het viel Janneke op dat de studenten dit lastig vonden en in de veilige verzorgingsmodus schoten. ‘Praktische zaken regelen, zoals wassen, eten bezorgen, kleren aantrekken. Maar contact maken van mens tot mens was moeilijk. En dat is waar je behoefte aan hebt, zo heb ik dat ook ervaren. Contact maken is essentieel om de cliënt de ruimte te geven de regie over zijn of haar gezondheid te geven. Ook hier in de instelling de ruimte geven om dingen zelf te doen en als het kan eigen inbreng te geven en vergroten. Wil je jezelf wassen of aankleden, wat kan je zelf en wat zijn je behoeftes om je dag in te vullen? Al dan niet met hulp van familie of vrienden? Dan willen we dat de ruimte geven. Het maakt ook de overstap naar de thuissituatie makkelijker.’

Anna Post

Wat heeft je cliënt nodig?

Studente Anna Post (mbo-verpleegkunde, Landstede College), is het vooral vele overleg bijgebleven. ‘Om goed overzicht te houden wie wat doet. En om door te vragen bij cliënten. Wat kunnen en willen zij zelf? Dat was best lastig. Ik herinner mij een cliënt met hersenletsel. Het was moeilijk te achterhalen wat er precies aan de hand was. Hij gaf alleen aan dat hij last had van restverschijnselen. Dat was de grootste uitdaging: in een halfuur moet je erachter komen wat er aan de hand is en wat je cliënt nodig heeft.’

Na de anamnese gebeurde er ook van alles en nog wat. De professionals hadden allemaal (zeer) complexe ziektebeelden, liepen te pas en te onpas de gang op en hadden zo nu en dan flink ruzie. ‘Dan moet je ertussen springen, en weten wat je moet zeggen om de boel te sussen. Dat vraagt veel van je improvisatievermogen.’

Hoe belangrijk communicatievaardigheden zijn, kwam naar voren tijdens de reflectie. ‘Ondanks dat waren we toch nog teveel bezig met verzorgen. Op een gegeven moment vertelde iemand mij dat haar man twee weken voor haar ongeluk was overleden. We hebben er wel kort over gesproken, maar ik heb de cliënt niet even apart genomen. Waarom ik dat niet deed, weet ik eigenlijk niet. Zulke momenten zijn goed om te beseffen hoe belangrijk communicatie is. Mijn inlevingsvermogen is erg gegroeid.’

Jolanda van Til

Zorg en techniek op maat

In het Zorgtechnisch lab introduceren en testen ondernemers nieuwe technieken waarmee cliënten langer zelfstandig thuis kunnen blijven wonen en de regie kunnen houden over hun leven. Bijvoorbeeld verlichting die past bij het moment van de dag. ’s Morgens beginnen met zacht geel licht om wakker te worden en later feller licht om juist actief te worden. Daarnaast wordt er geëxperimenteerd met iHealth- toepassingen, een bluetooth slot en binnenkort ook het toepassen van sensoren. De ondernemers brengen in kaart welke technieken wel en niet werken voor professionals, studenten en cliënten en in hoeverre ze bijdragen aan de kwaliteit van leven.

Daarnaast wordt het onderwijs van studenten aangepast aan het leren omgaan met zorgtechniek. Projectleider Jolanda van Til: ‘Daarmee zijn we nu druk bezig. Aanvankelijk wilden we met alle scholen een lespakket maken dat op alle scholen uitgevoerd kon worden. Dat bleek lastig te zijn, omdat scholen op een voor hun passende manier aandacht willen geven aan zorgtechnologie. Wat wij nu gaan doen, is leraren faciliteren om die lessen vorm te geven. We gaan een gratis online omgeving creëren waar leraren hun lesideeën vandaan kunnen halen. Losse bouwsteentjes, gestructureerd ingedeeld, zodat je gebruik kunt maken van wat er al is. En dat is veel. We koppelen dit aan de website van het Zorgtrainingscentrum. Behalve voor leraren kunnen deze losse ideeën natuurlijk ook prima worden gebruikt voor professionaliseringstrajecten in de zorg of in wijkleerbedrijven gericht op zorg en welzijn. Onze droom is dat ook andere scholen hun materialen op deze manier met ons willen delen.’

Onderwijs en praktijk in een huis

Een mooi voorbeeld van leren en werken in de praktijk is het verzorg- en verpleeghuis Theodora Vos de Wael in Zwolle. Studenten krijgen les op de eerste verdieping en brengen het geleerde in praktijk in de zorgappartementen op de tweede verdieping. De nabijheid van school en praktijk werkt heel prettig, vinden eerstejaars studenten Verzorgende IG Lisa Meiberg en Daisy Minkjan. ‘Op een normale school krijg je twintig weken les en vervolgens twintig weken stage’, zegt Lisa. ‘Eerst de boeken in, dan de praktijk. Hier zie je meteen hoe het er in de praktijk aan toegaat. Ik pak dingen veel sneller op, omdat ik meteen zie hoe het in elkaar zit.’

‘Een vriendin van ons zit op de gewone school, met roosters, vaste lesstof en poppen om te oefenen’, vult Daisy aan. ‘Wij mogen veel meer zelf aangeven wat we willen leren. Het werken met echte mensen is natuurlijk ook goed. We krijgen te maken met kwetsbare mensen, en soms ook met de dood. Dat is ingrijpend, maar goed, want je leert meteen hoe je daarmee omgaat.’

Lisa Meiberg
Daisy Minkjan

Lisa en Daisy vinden de vrijheid die ze krijgen prettig, maar stellen het ook op prijs dat de coach van het Deltion College in de gaten houdt of ze straks bekwaam genoeg zijn om succesvol examen te doen. Daisy: ‘Het is veel zelfstudie, je moet dus goed kunnen plannen. Als je maandagochtend geen zin hebt om te leren, moet je zelf wel in staat zijn om je leerproces in praktijk te brengen.’

Kijk voor meer informatie over het zorgtrainingscentrum op www.zorgtrainingscentrum.nl