‹ Terug naar alle regionale pacten
  • Home
  • Landelijke werkdag: Zorg & Welzijn aan het Werk! ‘Vmbo als basis van de beroepskolom’.

Landelijke werkdag: Zorg & Welzijn aan het Werk! ‘Vmbo als basis van de beroepskolom’.

In gesprek met Jelle Boonstra – directeur Regioplus en Doekle Terpstra – aanjager Zorgpact.

Op 24 mei 2018 vond de landelijke werkdag van het Platform VMBO Zorg & Welzijn plaats. Het Platform bestaat uit vmbo-scholen die het profielvak Zorg en Welzijn en/of keuzevakken Zorg en Welzijn aanbieden. De jaarlijkse landelijke werkdag kon ook dit jaar weer op veel animo vanuit het onderwijs en relevante partners daaromheen rekenen: ruim 180 docenten hadden zich aangemeld. Doekle Terpstra, aanjager van het Zorgpact en Jelle Boonstra, voorzitter RegioPlus gingen in gesprek over de aansluiting van het vmbo met het mbo en het werkveld. Tijdens dit gesprek werd duidelijk dat het enthousiasme om het onderwijs en het werkveld nog meer met elkaar te verbinden aanwezig is, maar er tegelijkertijd nog veel werk te verrichten is.

Landelijke werkdag: Zorg & Welzijn aan het Werk! ‘Vmbo als basis van de beroepskolom’.

De arbeidsmarkt van Zorg en Welzijn: van overschot naar tekorten
Dat de dag afgetrapt wordt door deze twee mannen is geen toeval, zo legt Maud Croes – voorzitter van het platform VMBO Zorg & Welzijn - aan de zaal uit. Waar het voorheen lastig was voor afgestudeerde Zorg en Welzijn leerlingen om een baan te vinden, zijn de huidige beroepsperspectieven weer goed. Dit gaat echter wel gepaard met de uitdaging dat er momenteel juist meer vraag naar goed opgeleide arbeidskrachten is dan aanbod. In de sector Zorg en Welzijn wordt deze mismatch steeds duidelijker. Gezien de vergrijzing van Nederland zal de vraag naar werknemers binnen Zorg en Welzijn alleen nog maar verder toenemen. Er wordt instemmend geknikt als Maud Croes bepleit dat het vmbo als basis van de beroepskolom gezamenlijk met het mbo en werkgevers deze uitdaging aan zou moeten gaan.

Vanuit het Zorgpact en Regioplus wordt aandacht besteed aan deze mismatch, elk vanuit hun eigen focuspunt. Doekle Terpstra bijt het spits af en geeft aan dat het vmbo in zijn ogen steeds meer erkenning krijgt voor datgene wat de docenten doen met de leerlingen. Als aanjager van het Zorgpact is hij samen met een enthousiast klein team 3 jaar geleden begonnen vanuit het idee dat het mogelijk is om het onderwijs en de arbeidsmarkt beter met elkaar te laten samenwerken. Het stimuleren van deze samenwerking moet in zijn ogen niet door te verkondigen wat er goed is voor het land, maar door het ophalen van goede voorbeelden in de regio en de energie die er op het regionale niveau aanwezig is, zichtbaar te maken. ‘En het gaat goed’, zo geeft hij aan ‘het gaat beter dan een paar jaar geleden’. Maar er is nog veel meer mogelijk: ‘We moeten nog meer de potentie van de doorlopende leerlijnen gebruiken, we kunnen nog meer de potentie van de professional gebruiken.’

Als samenwerkingsverband van 14 regionale werkgeversorganisatie werkt RegioPlus aan voldoende instroom, maar misschien nog belangrijker, zo geeft Jelle Boonstra aan: aan het behouden van mensen. Ook hij ziet dat de aansluiting tussen het onderwijs en werkgevers nog beter georganiseerd kan worden. ‘Bij heel veel zorgorganisaties hebben de bezuinigingen er behoorlijk ingehakt. Er wordt nu een inhaalslag gemaakt’. Het vmbo moet daar nu ook bij betrokken worden, zo vervolgt hij. ‘Eerlijk gezegd is de focus met name geweest op mbo. De aandacht is erop gericht om nú ook richting het vmbo te gaan. Maar dat moet wel echt nog in gang gezet worden’. Jelle Boonstra pleit ervoor om gezamenlijk de instroom van jonge mensen en zij-instromers op te hogen. Onder meer hiervoor zijn medio 2018 de Regionale Actieplannen Aanpak Tekorten (RAAT’s) in het leven geroepen. Via een RAAT worden acties gericht op het tegengaan van de tekorten gebundeld en wordt samenwerking gestimuleerd om te komen tot een integrale arbeidsmarktaanpak voor zorg en welzijn: ‘Het onderwijs is hier een belangrijke sleutel in’.

Wensen en knelpunten vanuit de zaal
Het beeld wat in het gesprek naar voren komt wordt bevestigd door de docenten uit de zaal, die tijdens het gesprek om hun mening werd gevraagd door met groene en rode eens/oneens bordjes te reageren op stellingen. De groene bordjes vliegen de lucht in als gevraagd wordt of docenten meer contact met instellingen zouden willen om leerlingen praktijkervaringen op te laten doen. De groene bordjes gaan wederom omhoog als gevraagd wordt om aan te geven of men graag een samenwerking aan zou willen gaan met andere vmbo-scholen, mbo en werkveld. Hoewel er zeker al enige contacten liggen met zorginstellingen rond stages, excursies en gastsprekers, wordt ook aangegeven dat instellingen er in de beleving van docenten niet altijd voor open staan om leerlingen praktijkervaring op te laten doen. Ook geeft een groot deel van de docenten in de zaal aan organisatorische problemen te ervaren in het zoeken naar samenwerking met instellingen.

Nu samen aan de slag!
Doekle Terpstra vat het gevoel in de zaal samen als een zoektocht met het vmbo, mbo en de zorginstellingen. Hij roept de zaal op om hier samen mee aan de slag te gaan, want deze uitdaging moet in samenwerking met elkaar aangegaan worden: ‘Ik zou ervoor willen pleiten om na te denken hoe wij in de keten met elkaar de vraag op een goede manier kunnen oppakken en om met elkaar te bespreken wie welke bijdrage kan leveren.’ Concurrentiegevoelens moeten dan losgelaten worden: ‘Als we niet de bereidheid hebben om het samen op te lossen, gaat het níet lukken.’

Maud Croes motiveert in reactie hierop de docenten in de zaal om schoolleiders erop te attenderen dat zij aan kunnen sluiten bij de RAAT’s. Platform VMBO Zorg & Welzijn kan indien gewenst bij dit proces ondersteunen, zo biedt zij aan. Want: ‘we moeten met elkaar in gesprek komen’.

Jelle Boonstra wil deze aanpak omarmen en verstevigen. Zo zijn er bij Regioplus veertien regionale coördinatoren die alle ingangen met de regio hebben. Zij kunnen de scholen helpen bij het leggen van contacten met de zorginstellingen en het behouden van deze contacten. Daar kan wat hem betreft niet vroeg genoeg mee gestart worden: ‘Ga maar gewoon beginnen, ga het ook maar gewoon doen. Daar kunnen we bij wijze van morgen mee starten’.